Eenzame uitvaart #251, verslag

Eenzame uitvaart #251
dinsdag 30 juni 2020, 14.00 uur
begraafplaats St. Barbara, Amsterdam
Dichter van dienst: Ingmar Heytze

Villa met zwembad

De vriendin van meneer Van der H. is zijn vriendin niet meer, na alles wat ze over hem ontdekte. Het doet haar zeer, maar ze komt niet naar zijn begrafenis. De broer wil ook niet komen, een tante en een oom passen eveneens.
In de zomer van 2017 verscheen hij in haar leven, ervoor hadden ze al eens contact gehad via de sociale media: een praatgroep van de voetbalclub waar ze beiden fan van waren.
Hij schreef haar in een privé-bericht dat hij haar foto’s leuk had gevonden, konden ze niet eens afspreken? Het leek haar wel wat, in zijn eerdere berichten was hij netjes en fatsoenlijk.
Op zijn foto’s zag hij er ook goed uit: lang zwart haar, kralenketting op de gebruinde borst. Met zijn mysterieuze blik en kalme uitstraling deed hij haar denken aan een wijze Indiaan.
Ze schreef dat hij naar haar woning in Vijfhuizen moest komen, door de multiple sclerose die haar bij vlagen zwaar treft bewoog ze zich op dat moment moeizaam voort en bleef ze liever binnen.

Aan haar deur verscheen een miezerige gestalte, op slippers en in korte broek. Het was onmiskenbaar dezelfde man maar hij leek wel gekrompen. Ze bestelden pizza, hij at er gretig van. Onderwijl vertelde hij over Bali, waar het noodlot had toegeslagen.
Terwijl hij in zee zwom hadden ze al zijn spullen gestolen, hij kon niet aantonen wie hij was en werd ruim een maand vastgezet. Het was belachelijk, hij was de zoon van een miljonair, op Bali had hij bovendien een renderend reisbureau opgezet.
Met geleend geld van een vriend had hij Nederland weten te bereiken. Gelukkig kon hij weer beschikken over het maandelijkse dividend dat het kapitaal van zijn overleden vader hem opleverde. Zijn riante woning in Amsterdam had hij nog niet terug, daar zat een huurder in die er niet uit wilde.

Meneer Van der H. bleek in Beekbergen te zijn opgegroeid, zijn moeder was half-Javaans. Het beursgenoteerde miljoenenbedrijf van zijn vader heette Try Batteries, in zijn vrije tijd was pa imker geweest. Samen met ma, die in 2014 kort na hem overleed, had hij ook heerlijke honing geproduceerd.
Na voltooiing van zijn hbo-opleiding businnes management in Maastricht was meneer Van der H. bij de vestiging van Try Batteries in Hong Kong stage gaan lopen. Vervolgens had hij een poos in Boston de zaken gerund en was de hele wereld over gevlogen, meer dan honderd landen had hij bezocht.
Honderduit vertelde meneer Van der H. over exotische bestemmingen en dure hotels, ze hing aan zijn lippen. Hij was 46 maar had al vreselijk veel meegemaakt, ze vond hem charismatisch en mentaal heel erg sterk.
Sociaal bewogen was hij ook: met een deel van zijn geld had hij een organisatie opgericht die drugsverslaafden hielp hun leven weer op orde te krijgen, om ze voor afglijden te behoeden onderhield hij met sommige cliënten persoonlijk contact.
Er kwam een tweede afspraak, en een derde. Ze was eigenlijk nog niet toe aan een relatie, herstelde van de slepende affaires met twee gewelddadige exen die haar zoveel leed hadden berokkend dat ze er in een kliniek in Amstelveen voor was behandeld.
Maar meneer Van der H. was zo’n goed mens, hij was direct heel zorgzaam voor haar, knuffelde oneindig met haar kat, dus was ze vlug voor hem bezweken. Ze stelde hem voor aan haar broer, die meteen ook bevriend met hem raakte.

Omdat hij voorlopig niet terecht kon in zijn eigen woning sliep hij eerst bij een vriend in Groningen op de bank, toen bij een kennis uit Veenendaal maar daar was hij ineens niet meer welkom.
Zodoende trok hij sneller dan verwacht bij haar in, meer dan een koffer met twee trainingspakken, die droeg hij het liefst, en wat ondergoed had meneer Van der H. niet bij zich.
Hij zorgde dat er een autootje kwam, het moest voorlopig op haar naam, als zijn zaken weer op orde waren, er speelde iets met de belasting, zouden ze een representatieve wagen kopen.
Regelmatig reed hij haar naar het Haarlemse bos, de geitenboerderij in het Amsterdamse bos was ook een geliefde bestemming. Net als zij was hij dol op dieren, eigenlijk was hij enthousiast over alles wat haar bekoorde, zoiets had ze nog nooit meegemaakt.
Ze hield van een landelijke interieur-stijl, regelmatig trok hij er in het autootje op uit en keerde terug met allerlei meubels, vaak tweedehands, die ze dan samen zo perfect mogelijk opstelden. Hij verfde haar muren in precies de juiste kleuren.
Nooit was hij boos of ongeduldig, er ging een serene rust van hem uit. Ze meende een lieve, stabiele man te hebben gevonden, heel anders dan de gewelddadige exen die haar beeld van de man tot dat moment bepaalden.
Toen haar broer een woning in Nieuw-Vennep kocht zei meneer Van der H. dat hij hem zou helpen met de hypotheek. Omdat dat echt niet hoefde stond hij erop in ieder geval de verhuizing te betalen.
De verhuiswagen verscheen niet, haar broer belde op in paniek. Het speet meneer Van der H. zeer, hij hoorde net van zijn boekhouder dat er in verband met een zakelijke transactie een fors bedrag van zijn rekening was afgeschreven.

Na een half jaar samenwonen vroeg meneer Van der H. haar ten huwelijk. Ze was in tranen en zei natuurlijk ja. Hij ging met haar naar huizen kijken, de woning in Amsterdam zou hij kunnen verkopen, op zijn Bank of America-rekening stond bovendien nog een flink kapitaal.
Een makelaar leidde hen rond door een villa aan de Kromme Spieringweg, niet ver bij haar vandaan. Er hoorde een zwembad bij en een flink stuk grond, waar ze varkentjes zouden kunnen houden.
De villa kostte negen ton, dat was geen probleem, meneer Van der H. plaatste subiet zijn handtekening onder het voorlopige koopcontract. Van een sleuteloverdracht kwam het niet, na een paar maanden zou volgens hem zijn geconstateerd dat de aanbouw aan het verzakken was.

In de zomer van 2018 viel het haar op dat meneer Van der H. steeds magerder werd, bovendien zag hij geel, zijn urine had de kleur van koffie. Ze bracht hem naar haar huisarts, die stuurde hen door naar het ziekenhuis, waar alvleesklierkanker werd vastgesteld.
Na een succesvolle operatie diende meneer Van der H. een chemokuur te ondergaan, die hij na een week, vanwege de bijwerkingen, alweer afbrak: hij voelde zich naar eigen zeggen goed en genezen.
Thuis was hij zorgzamer dan ooit, verwende haar met cadeautjes. Ze begon te geloven dat hij inderdaad beter was, hij at weer als een paard en kwam behoorlijk aan. Haar conditie verslechterde juist, de ms tastte haar gezichtsvermogen aan.
Ze kon nog amper lezen van het scherm dus hielp hij haar met bankzaken, hij was er goed in, ontfermde zich ook over binnenkomende post. In Nieuw-Vennep, waar haar broer was gaan wonen, had hij een schitterende woning te koop zien staan, de fundering was goed ditmaal.
Ze was haar spullen aan het inpakken toen er helaas slecht nieuws kwam: de belastingdienst lag dwars. Ze werd razend, dit kon hij niet maken. Hij beloofde met Bank of America te gaan praten, die zaten in de Rembrandttoren bij het Amstelstation.
Zijn contactpersoon bij die bank was Joshua van de Berg, hij belde regelmatig met deze man. Omdat ze bij het gesprek aanwezig wilde zijn namen ze de trein, op het Amstelstation werd hij gebeld: Joshua van de Berg, de afspraak kon helaas niet doorgaan.
Ze wilde hem het huis uitzetten, hij zei dat hij het snapte en zou uitzien naar een tijdelijke woning, via zijn contacten was dat te regelen. In plaats daarvan kocht hij een hondje voor haar, en nog een aantal prijzige geschenken.
Alles bleef bij het oude, hoe kon ze ook boos op hem zijn? Ze moest een voorbeeld nemen aan zijn optimisme, was hij niet oneindig genereus? Zijn dividendgeld ging op aan haar, voor zichzelf kocht hij nooit wat. Waarom ook trouwen en een woning, hadden ze soms niet genoeg aan elkaar?

In het voorjaar zag hij er opnieuw slecht uit, in mei stuurde ze hem naar de dokter. Die zou hebben gezegd dat er niets aan de hand was, hij moest rustig aan doen, dat was alles. Ze belde de dokter, meneer Van der H. was niet langs geweest.
Ze zei dat hij voortaan elders kon overnachten, dit was teveel voor haar. Hij vertrok, ze vernam dat hij in een hotel in Duivendrecht verbleef. Vanuit dit hotel, dat zich niet in Duivendrecht maar in Hoofddorp bleek te bevinden, werd hij een week later per ambulance naar het VU-ziekenhuis vervoerd.
De kanker was terug, het zat overal. Volgens hem viel het wel mee, met wat Iberogast was het snel verholpen. Hij zei vanuit het ziekenhuis te bellen, bij navraag bleek hij daar alweer te zijn vertrokken.
Ze vond een zak naast haar deur, de post van maanden, ongeopend: aanmaningen, herinneringen. Met haar broer nam ze haar rekeningafschriften door. Meneer Van der H. bleek genereus te zijn geweest met haar eigen geld, inkomsten uit de Wajong-uitkering die ze geniet, dat bestemd was voor de vaste lasten.
Na lang zoeken vond ze zijn oom en tante, die net als de broer het contact met hem lang geleden al verbraken, vanwege dwangmatig gelieg, pseudologia fantastica, dat ook zijn ouders tot wanhoop had gedreven.
Er was geen studie in Maastricht, in Boston of Hongkong was hij nog nooit geweest. Try Batteries bestond niet, de vader had geen miljoenenonderneming. Het huis in Amsterdam was van een ex.
Ze belde met Bank of America, waar geen Joshua van de Berg bleek te werken, en daarna met een man die aan de drugsverslaafden-organisatie zou zijn verbonden. Er was geen organisatie, de man was een gebruiker, net als meneer Van der H. zelf trouwens, die inderdaad op Bali was geweest, waar de heroïne goedkoop was. Nu ze hem toch sprak: hij en vele anderen hadden geld van hem tegoed.
Een woedend bericht liet ze voor hem achter: het doek is gevallen, ik weet nu alles. Op 17 juni werd meneer Van der H. met een ambulance afgeleverd bij hospice Hof van Sloten, zes dagen later was hij dood.
Op Sint Barbara laat ik een week later Let love rule van Lenny Kravitz voor hem spelen, dat nummer wilde hij volgens haar horen op zijn begrafenis. Meneer Van der H. was geen slecht mens, dat weet ze zeker. Hij wilde altijd iemand anders zijn omdat hij zichzelf niet accepteerde.

Joris van Casteren.