Eenzame uitvaart #183, Amsterdam

Eenzame uitvaart nummer 183
I.M. B. J. M.
De Nieuwe Ooster, dinsdag 21 oktober 2014, 9.45 uur
dichter van dienst: Wim Brands

 

Ali Mahmood meldt het overlijden van B. J. M., zoals we hem zullen aanduiden in het verslag. Geboren op 22 juli 1949 in Paramaribo, Suriname, overleden in het VU-ziekenhuis in Amsterdam op 13 oktober 2014. ‘Helaas weinig info,’ zegt Ali erachteraan. Hij woonde in Wormer, aan de Faunastraat, een non-descript nieuwbouwwijkje uit de jaren tachtig, zo te zien. Hij had vier kinderen, daarvan heeft Ali er twee gesproken. De eerste werd geboren in Suriname, die vertelde dat ze haar vader misschien vijf minuten heeft gezien, de andere drie werden in Nederland geboren en onderhielden evenmin contact met vader, de tweede verklaarde namens alle kinderen te spreken – die onderling wel enig contact onderhouden, elkaar in ieder geval kennen – toen ze vertelde dat ze er niets mee wilden, zij hadden vader ook maar heel weinig gezien. Er zijn drie dochters en een zoon, die allemaal andere achternamen dragen.
‘En dat is niet voor het gedicht,’ vertelt Ali, ‘maar ze had geen goeie woorden voor hem over.’ Ze wist wel dat ze hem liever gecremeerd dan begraven hebben. Aldus zal geschieden.

Als ik hem google, zie ik dat hij kortstondig en schaars actief is geweest op Linked-in, daar vulde hij een uiterst summier profiel in, nul connecties, op Twitter en Facebook, daar had hij 18 vrienden. Via Twitter zocht hij contact met iemand die hij Gabisabatini noemt, dat contact wordt inderdaad tot stand gebracht. Zijn laatste bericht, uit 2011, of eigenlijk commentaar onder een CNN-nieuwsbericht (REPUBLICAN PRESIDENTIAL DEBATE: Tuesday night was fight night in Las Vegas as seven Republican presidential candidates clashed sharply over issues such as illegal immigration, taxes and health care. Don’t miss some of the best highlights from the debate, and the heated face-off between Romney and Perry!) op Facebook luidt:

‘my name is b. j. M. and living in the netherlands,father off a great number of children from the age of 45 going back to 31 year.it is for safety reasons that i do not want to upload my picture YET,for this mather that i bring to your attention now dit not begin over night,but from the very exeptional special way that i was born in 1949.I have written down this and all arround it in a book,that still is scientifically mostly rather than biographically.Iam the same person who weote a message yesterday about the dutch queen beatrix and her rulers in this country,their vvo-doe activities and the hundreds of young under age mostly girls whom disappeared and this fact that some have been eaten and others been made¬®prostitutes because of their dark skin.I dont ask to publish this right away but to find a way PLEASE to bring this to mister president OBAMA his attention.I will not give up asking this because off mine childrens savety and mine.sincerely and many thanks ‘

Niemand reageert daar op. Het bericht over Beatrix, waar hij naar verwijst, is niet terug te vinden. En ik kan hem natuurlijk geen vriendschapsverzoek meer sturen, dat verzoek kan hij niet meer honoreren. Wel vind ik een klantbeoordeling van een computerhulp op afstand, door JB M., waarbij hij zijn initialen heeft omgedraaid, maar de interpunctie – het grotendeels ontbreken van spaties na de punt – doet vermoeden dat het om dezelfde mens gaat:

‘Naar mijn mening was de hulpverlener zeer bekwaam. Hij was zeer vriendelijk en wist gedurende de tijd zowel de computertechnische kant als het “sociale gebeuren” in het algemeen goed te combineren.Zelden is mijn ervaring zo geweest dat ik hierna in mijn kenniskring over de wijze dat ik geholpen ben heb gesproken.Positieve punt:begrijpelijke “computer-termen” gebruiken en bij aanwijzingen/handelingen naar de klant geduld hebben.’

Ik spreek met de dichter van dienst af bij de tramhalte bij ons om de hoek, we zijn buurtgenoten. Hij vraagt me of ik die Surinaamse man ken die door onze buurt struint met een versleten zwart colbert en een stoffige kunstbloem in zijn knoopsgat. ‘Ah de blije evangelist,’ beaam ik. Ik ben diverse malen ongevraagd door hem gezegend. Komt hij je tegemoet, begint hij ‘Praise the Lord! Hallelujah!’ te roepen en steekt zijn handen in de lucht, om die op je schouders te laten neerdalen. ‘Have mercy, young man, be blessed!’ Ik buig dan lichtjes voor hem, maak me in dezelfde beweging van hem los en vervolg mijn pad. Wim heeft langer met hem gepraat. ‘Ook een complottendenker,’ weet Wim Brands. Hij haalt Wim Noordhoek aan, die hem ooit schreef: ‘Soms moet paranoia je redden.’ Ondertussen wachten we op de tram, in de regen. De weersvoorspelling is beslist uitgekomen, later vandaag wordt er ook nog storm verwacht.

Toen ik mijn woning verliet vergat ik een paraplu bij me te steken. Ik heb ook geen regenjas aan. Het is een crematie, we zullen geen kilometers achter de kist aan hoeven lopen. Geen zin om terug naar boven te gaan. Op weg naar de halte kom ik langs Het Kruidvat, daar hebben ze paraplu’s van twee euro, ook goed. Zo een heeft Wim bij zich, hij wel. Ik vertel Wim nauwkeurig hoe het parapluvergeetproces verlopen is. En dat ik wel degelijk een echte Senzi-paraplu bezit, die stormbestendig heet te zijn, zo’n ding waarvan de gebrekkige kwaliteit de hoge prijs nu niet bepaald rechtvaardigt.

Ik vertel hem niet dat ik van Martin Bril heb geleerd dat een dure paraplu een goede investering is: die vergeet je immers niet. Zo heb ik ook geleerd mijn aansteker niet te verliezen. Mensen met wegwerpaanstekers zijn die dingen voortdurend kwijt. Een man met een Ronson koestert zijn bezit. Enfin. We kletsen ons een weg door de wereld. Bij het Tropenmuseum stappen we over, bij de halte vind ik een chique paraplu, in uitgevouwen toestand heeft het de vorm van een koepel, met een ironisch scheve punt, ik neem hem in beslag. Hij blijkt niet dicht te kunnen. Hij mocht vast niet mee in de tram. De oorzaak van het falen zit waarschijnlijk in de scheve punt, die uit de paraplu steekt, hij is gewond. Dan lukt het toch. Hij kan nog dicht. Even later breekt de scheve punt af, dat hoorde dus niet bij het ontwerp, dat die punt mooi scheef stond, niet erg logisch. Maar nu kan de paraplu wel helemaal dicht. Er steekt een veer uit, nu.

We bereiken onze bestemming ruim op tijd. Op de begraafplaats treffen we Ali Mahmood en twee medewerksters van de dienst, alweer een nieuwe, en een die ik al vaker zag – ja, ze loopt al sinds maart stage, als onderdeel van haar opleiding als uitvaartleider. We treden de kleine aula binnen, de deur is open, er brandt licht, er is niemand. Pas kort voor tijd komt de lijkwagen haar vracht afgeven, verschijnt de uitvaartleidster. Ik overhandig haar de muziek. Die eerst, en dan die. En dan besluiten we met deze. Of toch eerst die, nee we houden het zo. Of we willen binnentreden met muziek. Of dat we in stilte willen binnenkomen. Ook dat moet nog besloten worden.

Leonard Cohen zingt ‘Born in chains’ van de recentelijk verschenen cd Popular Problems. Orgeltje. ‘I fled to the edge of a mighty sea of sorrow.’ De uitvaartleidster heet ons welkom, vertelt waarom we hier bijeenzijn: om de heer M. te gedenken met bloemen, muziek en woorden. Ze nodigt Wim uit naar voren te komen. Hij spreekt.

 

Een landgenoot van je klampt me regelmatig aan
als ik door mijn buurt wandel. Na een vriendelijk

goedemorgen neemt hij me meestal in vertrouwen
over een complot dat hij op het spoor is

en dat hij zal verhinderen. Ik wil niet weten, zegt hij,
hoeveel mensen hij zal redden, vooral jonge kinderen

die anders geofferd zullen worden. Als hij dit vertelt
zie ik zijn moeder over zijn bed gebogen staan,

wat is er sindsdien misgegaan? Hem kan ik het niet
vragen, hij praat zelfs over zijn buren alsof ze

op een andere planeet wonen. Jij was ook op weg
naar die planeet, zo lees ik in een oud internet bericht

en bezig met het ontraadselen van een dreigende ramp
waarbij ook alweer kinderen betrokken waren.

Dacht je aan je eigen kinderen toen je je complot
openbaar maakte, je kinderen die je niet meer zag,

of waren zij nu juist jouw geheim,
een geheim als een lege vuist

dat zo pijnlijk was dat alleen de deur van een parallel
universum nog openstond. Een geheim dat je vergat.

Mijn buurtgenoot draagt sinds jaar en dag een versleten
zwart colbert; in het bovenste knoopgat een oude

rode kunstroos als herinnering aan een oud maar welk?
voornemen.

 

‘Some holy ghost keeps me hanging on, hanging on,’ valt Mavis Staples perfect in: ‘I don’t know much but I can tell when something is wrong. And something’s wrong. But some holy ghost…’ De uitvaartleidster vraagt ons te gaan staan, uit eerbied voor de overledene, om zo naar het laatste muziekstuk te luisteren. Tom Jones. ‘For so long, I was out in the cold. And I taught myself to believe every story I told. / But it’s been too long. Now I wanna come home. Home, to the place where the truth lies waiting. We remember who we are.’

Zo nemen we afscheid. Buigen voor de kist, verdwijnen naar de overkant waar koffie wordt geschonken, de aardige koffiejuffrouw is erg blij als ik haar vertel dat het echt heerlijke koffie is, de lekkerste koffie die ik ooit heb gedronken. Tevreden keren we allemaal huiswaarts. We hebben een mooie dienst gedraaid.

© voor het gedicht: Wim Brands
© voor het verslag: F. Starik

 

 

+