Donderdag 5 maart 2026, 10:00 uur
begraafplaats St. Barbara, Amsterdam
Dichter van dienst: Ingmar Heytze
Auteur verslag: Joris van Casteren
Picky
Over meneer V. is vrijwel niets bekend, dit wordt een veel te kort verslag.
Hij kwam uit Letland en was pas 49. In Nederland stond hij nergens ingeschreven. Bij opvanglocaties voor daklozen is hij niet bekend. In systemen van de immigratiedienst en de vreemdelingenpolitie komt zijn naam niet voor.
De Letse ambassade in Den Haag werd ingeschakeld. Men zocht in het thuisland, niemand werd gevonden. Mogelijk is de vader van meneer V. nog in leven: in 2004 vertrok hij naar Rusland.
Zou meneer V. voor werk naar Amsterdam zijn gekomen? Zat hij ergens in onderhuur of sliep hij in het struweel in een tentje? In ieder geval had hij geen sleutels bij zich.
*
Op 4 februari maakte hij een einde aan zijn leven. Zijn dood was onnatuurlijk maar geen misdrijf, kreeg Team Uitvaarten van de gemeente Amsterdam te horen.
Meneer V. werd aangetroffen aan het J.H. Hisgenpad, in Amsterdam-Noord. Dat pad loopt van het Noordhollandskanaal onder de Leeuwarderweg en het metrospoor door naar de Loenermark.
Zou hij voor de metro zijn gestapt. In theorie kan het, maar het Gemeentevervoerbedrijf (GVB), waar ik navraag doe, stelt dat er die dag geen ‘aanrijding met een persoon’ heeft plaatsgevonden.
Het kan natuurlijk alsnog zijn gebeurd, zegt de woordvoerder, maar de bestuurder heeft er dan niets van gemerkt.
Zou hij de Leeuwarderweg zijn opgerend, teneinde met een voertuig in botsing te komen? Van een dergelijk incident is die dag evenmin melding gemaakt.
*
Is er op 4 februari aan het J.H. Hisgenpad überhaupt een melding geweest? Dat wel, zie ik op een website die zulke incidenten registreert. Om 23:29:29 rukten er twee ambulances en een traumahelikopter uit.
De ambulances reden naar een kantoor in aanbouw, het lijkt erop dat meneer V. daar van het dak is gesprongen. Volgens iemand van Handhaving, die ik later spreek, hoorde een getuige iets naar beneden vallen.
De helikopter landde niet, het was al te laat.
In de broekzak van meneer V. werd een identiteitskaart gevonden waar ‘Latvijas Republika’ op stond. En zijn naam en een foto. Een kale man, met vriendelijke, grote ogen.
Ik ben gaan kijken, nergens in de buurt heb ik een tentje zien staan. Waarom deed hij het hier? Zou het met J.H. Hisgen te maken kunnen hebben?
Japik Heinrich Hisgen, die ‘Picky’ werd genoemd, was ‘een voortreffelijk all-round criketeer’, aldus De Telegraaf op 10 oktober 1957. Hij speelde bij de Amsterdamse club Volharding en zou bovenal ‘een zeer groot batsman’ zijn geweest. In voetballen was hij trouwens ook goed, net als in fotograferen.
De 82-jarige Hisgen werd ‘op zijn uitdrukkelijk verlangen’ in alle stilte begraven. ‘Dit tekent hem als de bescheiden mens die hij altijd geweest is.’
In Letland, ik heb het even opgezocht, wordt ook cricket gespeeld. Niettemin geldt het daar, alleen al vanwege het gure weer, als een tamelijk obscuur verschijnsel.
Het niet erg waarschijnlijk dat meneer V. uit symbolische overwegingen, of uit een misplaatst soort eerbetoon, voor het Hisgenpad heeft gekozen. Als dat gebouw ergens anders had gestaan zou hij daar wel zijn gesprongen.
*
Niemand komt naar de uitvaart, behalve Ingmar Heytze en ik. Vier dragers en de uitvaartleider zijn eveneens present.
We zijn aangedaan, deze onduidelijke dood raakt om een of andere reden diep. Achter me snikt een van de dragers, ook de uitvaartleider pinkt een traantje weg.
Ik heb Letse muziek uitgekozen, van Instrumenti, een band uit Riga. ‘Lēna uguns’ (traag vuur) heet het nummer. ‘Elke gletsjer heeft een sprankelend begin maar een pijnlijk einde,’ zingen ze onder meer.
Het sluit bijna volmaakt aan op het prachtige vers dat Heytze vervolgens leest. Nogmaals muziek, ‘Dod, Dieviņi’ (God, geef me) van Raimond Tiguls, waarin fervent om zielenrust wordt gesmeekt.
Joris van Casteren.
Intens verdrietig.
Wat een mooi verhaal!
🙏🩵🙏